Home > Veilig rijden met Arval

Veilig rijden met Arval

Beweeg je veilig in het verkeer met deze tips!

Eco driving

Een andere manier van rijden met een verantwoorde rijstijl ?
De technologie is er in de loop van de jaren sterk op vooruit gegaan. Dat vraagt om een andere manier van rijden. Voor met een verantwoorde rijstijl adviseert Arval te rijden volgens het principe van 'Tips eco driving'. Dit bestaat uit een aantal nuttige rijstijladviezen waarmee u tot maar liefst 10% brandstof bespaart. Beter voor het milieu dus, én minder kosten voor uw werkgever!

Ziehier de belangrijkste tips voor een ‘nieuwe’ rijstijl:

Tip 1: Vroeg schakelen
Schakel zo vroeg mogelijk naar een hogere versnelling: tussen de 2.000 en 2.500 toeren. Dit geldt voor zowel benzine- als dieselwagens. 

Tip 2: Uitrollen
Ziet u dat u moet vertragen of stoppen voor een verkeerslicht? Los dan tijdig gas en laat de wagen in de versnelling van dat moment uitrollen.

Tip 3: Aan 80 in 5de versnelling
Rijd zoveel mogelijk met een gelijkmatige snelheid en een laag toerental in een zo hoog mogelijke versnelling. 

Tip 4: Bandenspanning
Controleer maandelijks de bandenspanning. 

Tip 5: Vooruitkijken
Kijk zo ver mogelijk vooruit en anticipeer op het verkeer rondom u.

Tip 6: Motor afzetten
Zet uw motor af aan een openstaande brug of spoorwegovergang, in de file, als u iemand afhaalt, enz. Start u weer, doe dit dan zonder gas te geven. 

Tip 7: Boordapparatuur
Maak, indien mogelijk, gebruik van boordapparatuur, zoals toerenteller, cruise control en boordcomputer.

Tip 8: Vermijd energievreters
Naast het type wagen en uw rijstijl, bepalen een aantal andere factoren uw brandstofverbruik: uw snelheid, het gebruik van apparatuur, de luchtweerstand en het gewicht in de wagen. Ga bewust om met deze energievreters.

Veilig rijden

Arval hecht veel belang aan uw veiligheid. Het is onze taak om uw wagen in prima conditie te houden zodat u veilig de weg op kunt. Echter, ook u moet als bestuurder uw verantwoordelijkheid opnemen. Respecteer de volgende tips om een aanrijding met mogelijke letsels tot gevolg te vermijden:

Draag altijd uw gordel
Het lijkt vanzelfsprekend om uw gordel te dragen. Toch geeft een groot deel van de bestuurders aan regelmatig zonder gordel te rijden. Door het gebruik van de autogordel blijft u bij een aanrijding in de stoel zitten en vermindert u de kans op verwondingen. 

Controleer regelmatig uw bandenspanning
Met een te lage bandenspanning hebt u minder grip op de weg, verlengt de remafstand en vergroot het risico op slippen. Controleer minstens één keer per maand de bandenspanning. De adviesspanning vindt u terug in het instructieboekje van de wagen. Uw wagen rijdt met de juiste bandenspanning ook nog eens een stuk zuiniger.

Hou voldoende afstand
Hou voldoende afstand tot uw voorligger. Zo kunt u alert reageren op manoeuvres van uw voorligger, bijvoorbeeld als deze plotseling remt. 

Vermijd telefoneren in de wagen
Veel auto’s zijn tegenwoordig uitgerust met een carkit. Toch is ook het gebruik van een carkit niet zonder gevaar. Als u een telefoongesprek voert, hebt u minder aandacht voor het verkeer. Telefoneer bij voorkeur thuis of op kantoor. 

Pas uw rijstijl aan de weersomstandigheden aan
Matig uw snelheid en verdubbel de afstand tot uw voorligger bij mist, zware regenval, of bij andere omstandigheden waarbij het zicht beperkt is. Ga niet in de remmen staan maar verminder uw snelheid geleidelijk. Houd hierbij zo veel mogelijk rechts. In geval van nood kunt u dan uitwijken naar de vluchtstrook of de berm.

Leg geen losse spullen op de hoedenplank
Veel bestuurders gebruiken de hoedenplank als opslag van spullen. Een paraplu, een stratenboek of een flesje frisdrank. Bij een aanrijding of een plotselinge remactie komen grote krachten vrij waardoor deze ogenschijnlijk onschuldige spullen ernstige letsels kunnen veroorzaken.

Let op aanwijzingen op de weg
Borden boven en naast de weg wijzen u op bijzondere omstandigheden. Denk bijvoorbeeld aan een korte invoegstrook, de mogelijkheid tot ritsen en een plaatselijke wijziging van de maximumsnelheid. Pas onmiddellijk uw rijstijl aan bij het zien van deze borden. 

Plan uw route
Door van te voren uw reisweg te bepalen, voorkomt u dat u uw aandacht moet richten op het zoeken van de juiste route. U kunt u beter op de verkeerssituatie concentreren en hoeft geen onverwachte manoeuvres uit te voeren. 

Zorg voor een lifehammer in de wagen
De meeste wagens zijn uitgerust met elektrische raambediening. Deze weigert vaak dienst als de wagen in het water terechtkomt. Arval adviseert u daarom om uw wagen te voorzien van een lifehammer. Met deze lifehammer breekt u in noodsituaties de ruit en verlaat u veilig de wagen.

Draag een reflecterend veiligheidsvest
Om de veiligheid te verhogen, is het dragen van een reflecterend veiligheidsvest verplicht indien u uw defect voertuig verlaat of wanneer u betrokken bent bij een ongeval. Hiermee bent u beter zichtbaar tot op ongeveer 300 meter afstand. De veiligheidsvest is niet verplicht voor alle inzittenden. Die zijn immers het best beschermd als ze plaatsnemen op enige afstand achter de vangrail. Deze verplichting werd ingevoerd als een gedragsregel, al veronderstelt het gebruik van het reflecterend veiligheidsvest noodzakelijkerwijs dat u er één in uw voertuig heeft. 

 

Winterbanden

Over het algemeen zijn winterbanden in de alpenlanden NIET verplicht. Wel is het verplicht altijd sneeuwkettingen in de wagen te hebben en te monteren zodra dit aangegeven wordt door een bord. Het komt erop neer dat de banden moeten aangepast zijn aan de weersomstandigheden. Winterbanden zijn dus enkel verplicht als er sneeuw ligt. Raadpleeg dus op voorhand de weersvoorspellingen en plaats desnoods op voorhand winterbanden of “all-season”-banden. 

In Duitsland riskeert u een boete van EUR 20,00 wanneer uw banden niet zijn aangepast. Hindert u daarbij nog eens het verkeer, dan komt er nog eens EUR 40,00 bij. Bij een ongeval kan het gebruik van ongeschikte banden leiden tot medeaansprakelijkheid. Hetzelfde geldt als u in regenweer met banden rijdt met te weinig profieldiepte.

Sneeuwkettingen 
Het gebruik van spijkerbanden en sneeuwkettingen is in de meeste landen gereglementeerd en wordt hier en daar aangeduid door specifieke verkeersborden. 

Overzichtstabel

 

 

Land

Winterbanden

Sneeuwkettingen

Duitsland

Winter- of ”all season”-banden sterk aangeraden bij sneeuw.

Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht.

Oostenrijk

Verplicht van 1/11 tot 15/4 op ondergesneeuwde wegen of bij ijzel. Minimumprofiel van 4 mm voor radiale structuur en 5 mm voor diagonale structuur.

Kunnen tussen 1/11 en 15/4 winterbanden vervangen op wegen die volledig met sneeuw of ijs bedekt zijn. Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht. Voor elk lang traject dat met zomerbanden wordt afgelegd, is de aanwezigheid van kettingen in de koffer verplicht.

Spanje

Niet verplicht

Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht.

Frankrijk

Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht. Indien aangevuld met de melding ”pneus neige admis”, mogen winterbanden in plaats van kettingen gebruikt worden.

Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht.

Italië

Verplicht in Valle d’Aosta van 15/10 tot 15/4. Alternatief: sneeuwkettingen in de koffer.

Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht. Sneeuwbanden worden als alternatief geaccepteerd.

Luxemburg

Verplicht sinds 10/2012 bij winterse omstandigheden(ijzel, sneeuw, ijsplekken, ...)

Nooit verplicht.

Tsjechië

Verplicht van 1/11 tot 30/4 op plaatsen die aangeduid worden met borden ”winteruitrusting verplicht”.

Verplicht op plaatsen waar ad hoc een signalisatie is aangebracht.

 

Informatie over trekhaken

Nuttige info over trekhaken voor het trekken van lichte aanhangwagens (max. 750kg)

Technische controle

Wanneer?
Bij het plaatsen van de trekhaak
Door wie?
Door de installateur 
En daarna wanneer?
Na 4 jaar, samen met het voertuig.

Verzekering

De trekhaak:

  • is gedekt door de BA verzekering en de juridische bescherming van het voertuig
  • is gedekt zelfs indien de aanhangwagen niet op het voertuig is aangesloten.
  • heeft dezelfde nummerplaat als het voertuig.
Nuttige info over trekhaken voor het trekken van aanhangwagens met een maximaal toegestane massa van meer dan 750kg

Technische controle

Wanneer?
Bij het plaatsen van de trekhaak
Door wie?
Door de installateur 
En daarna wanneer?
Jaarlijks.

Verzekering

Verplichte aanvullende verzekering voor de aanhangwagen.
Opmerkingen

  • niet verplicht maar bij voorkeur bij dezelfde verzekeringsmaatschappij
  • voordelige tarieven voor de bestuurders van een wagen van Arval.
  • de aanhangwagen heeft een speciale nummerplaat
     

Bij een ongeval:

  • indien de aanhangwagen aangesloten is op het voertuig tijdens het ongeval, zal de verzekering van het voertuig de kosten dekken
  • indien de aanhangwagen niet aangesloten is op het voertuig tijdens het ongeval, zal de aanvullende verzekering van de aanhangwagen de kosten dekken.
     

Opgelet! Indien de trekhaak niet bij Arval gemeld is, kan de verzekering beslissen om eventuele ongevallen niet te dekken.

 

Naar het buitenland

Een rit naar het buitenland vergt extra aandacht. Niet alleen omwille van de lange afstanden, maar zeker ook omdat ieder land zijn eigen regelgeving kent. Het belangrijkste is om goed voorbereid op weg te gaan.

 


Bandenspanning 
Een lange rit voor de boeg? Wagen zwaar geladen? Controleer vooraf uw bandenspanning. Uw wagen rijdt hierdoor comfortabeler, zuiniger en veiliger. De adviesspanning vindt u terug in het instructieboekje van uw wagen. 

Oliepeil, ruitenwisser –en koelvloeistof 
Controleer voor uw vertrek het oliepeil en het niveau van uw ruitenwisser- en koelvloeistof. Peil elke 500 kilometer de olie en steek een extra liter olie in de koffer. 

Groene kaart 
Let erop dat het land waar u heen reist vermeld is op de groene kaart die in uw boordmap steekt. Zorg er ook voor dat u deze kaart zeker meeneemt op reis. 

Verkeerstoelating 
Als u de Europese Unie met uw wagen wil verlaten of u wenst zich te begeven op terreinen van internationale luchthavens en stations, dan moet u steeds een verkeerstoelating aanvragen bij Arval. U ontvangt deze enkele dagen later, kosteloos. Een attest stemt overeen met één, in de tijd beperkte reis. Voor elke nieuwe reis moet een nieuw attest worden opgemaakt. 
Het is belangrijk te weten dat het ontbreken van de verkeerstoelating aanleiding kan geven tot inbeslagname van de wagen door de bevoegde instanties.

Als u naar Duitsland vertrekt, denk aan de "Umweltsticker" of eco-vignette.

Als u naar Frankrijk vertrekt, kijk goed na of uw radarverklikker wettelijk is.

Verplichte accessoires 

In een aantal landen moet u in het bezit zijn van een gevarendriehoek, verbanddoos en/of veiligheidsvestje. Voor toeristen geldt deze verplichting slechts in een aantal gevallen. Ziehier een overzicht van de populairste vakantiebestemmingen:

 

Gevarendriehoek 
& veiligheidsvestje

Verbanddoos

Duitsland

verplicht

verplicht 

Frankrijk

verplicht  

niet verplicht

Italië

verplicht  

niet verplicht

Luxemburg

verplicht  

niet verplicht

Oostenrijk

verplicht  

verplicht

Portugal

verplicht  

niet verplicht

Spanje

verplicht  

niet verplicht

Verenigd
Koninkrijk

verplicht  

niet verplicht

Zwitserland

verplicht  

niet verplicht

 

Haal uw voet van het gaspedaal !
  
Overdreven snelheid wordt in België, net zoals in alle Europese landen, gestraft. Toch zijn de snelheidsbeperkingen niet dezelfde in alle landen. Hierna vindt u een overzicht van de maximum snelheden in onze buurlanden: 

km/u

Binnen bebouwde kom

Op nationale wegen Autosnelwegen
Duitsland 50 100 130
Frankrijk 50 90 of 110 130
Italië 50 90 of 110 130
Luxemburg 50 90 130
Oostenrijk 50 100 130
Portugal 50 90 of 110 130
Spanje 50 90 of 110 130
Verenigd Koninkrijk 48 96 of 112 112

Rijden in de winter

Elk jaar zodra de winter de kop opsteekt, vreest iedereen voor de slechte weersomstandigheden en de gladde wegen. Toch kunnen enkele goede reflexen u helpen de winter veilig door te komen.  Hieronder enkele tips om sereen de winter in te rijden:

Rijgedrag

Aan het stuur : verdubbel uw waakzaamheid in moeilijke omstandigheden. Verkies een vlotte besturing boven bruuske bewegingen.
In de bochten : hou de stuurbewegingen soepel en constant. Als de achterkant van uw voertuig wegglijdt, aan het stuur van een voertuig met voorwielaandrijving, geef langzaam gas om het evenwicht te herstellen. Aan het stuur van een voertuig met achterwielaandrijving, ontkoppel, los het gaspedaal en stuur tegen. Een gouden regel: kijk altijd in de richting waar u naartoe wil.
Bij het remmen : aarzel niet om op de motor af te remmen om het slippen te vermijden. In dit geval verliest u de controle over uw voertuig. Om de grip te herstellen, los het rempedaal en rem opnieuw. Weet dat een vochtig wegdek dubbel zo glad is als een droog wegdek. Een besneeuwd wegdek is viermaal gladder en een bevroren wegdek achtmaal!
Op de hellingen : als de wielen doorslippen, schakel dan in een hogere versnelling. De trek- of stuwkracht op de wielen zal afnemen waardoor de grip van uw voertuig zal verhogen. 

De banden

Een juiste bandenspanning is cruciaal bij koude temperaturen. Immers, hoe lager de temperatuur, hoe zwakker de gemeten druk. Bij koude dient men de aangegeven druk bijgevolg met 0,2 bar te verhogen. 
Het gebruik van winterbanden kan heel nuttig zijn.  Voor meer informatie over dit onderwerp, klikt u op de tab "winterbanden" bovenaan.

Onderhoud van het voertuig

De gouden regel, zowel in de winter als in de zomer, is zorgen voor een goede zichtbaarheid. Aarzel dus niet uw voertuig regelmatig te wassen. Daarenboven zal een vuil voertuig sterker onderhevig zijn aan vorst. Weet ook dat strooizout erg corrosief is voor uw carrosserie.
Wij raden u ook aan:

  • De gepaste ruitenwisservloeistof te gebruiken voor temperaturen tot -30°C.
  • De toestand van uw batterij te controleren.
  • De dichtingsrubber stootranden van uw deuren met een geschikt smeervet te behandelen om te voorkomen dat ze bevriezen.

Onmisbare uitrusting

Onderstaande uitrusting kan uiterst nuttig zijn tijdens extreem koude periodes:

  • een ijskrabber
  • een spuitbus om de sloten te ontdooien
  • een of meerdere dekens in geval van panne.

Goed om weten

- Vermijd het gebruik van de handrem in geval van extreme koude. Door de vorst kan de remkabel vastvriezen. Zet het voertuig bij voorkeur in versnelling.
- Controleer of de ruitenwissers op uw voorruit niet bevroren zijn alvorens ze te gebruiken daar dit kan leiden tot schade aan de motor ervan.
- Leg geen krant op uw voorruit om te vermijden dat deze tijdens de nacht vastvriest. Het risico bestaat dat ze vochtig wordt alvorens aan te vriezen en bijgevolg aan uw voorruit zal plakken. Een stuk karton is precies wat u nodig hebt.

Hoe bereikt u een optimale zithouding?

Rijcomfort is een belangrijk punt voor de verkeersveiligheid en daarom geeft Arval u enkele aanbevelingen om dit te verbeteren. Deze tips leren u hoe u uw autozetel het best kan instellen om uw houding achter het stuur zo comfortabel mogelijk te maken.

In een eerste fase, om de instellingen correct te regelen, gaat u als volgt tewerk: u gaat zitten, klikt uw veiligheidsgordel vast en plaatst de zetel in een positie die u past.  Daarna voert u de volgende instellingen in:

1. Zetelafstand

  • Leg uw armen op het stuur. Zorg ervoor dat deze noch volledig gestrekt noch een hoek van 90° vormen.  Wanneer u uw vuisten in het midden van het stuurwiel legt, moeten uw ellebogen lichtjes gebogen zijn.
  • Controleer of u het rempedaal volledig kan indrukken zonder in uw zetel naar voor te glijden.
  • Zorg ervoor dat uw knieën het instrumentenbord niet raken. 
  • Controleer of u het stuur moeiteloos in alle richtingen kan draaien zonder dat uw ellebogen uw dijen raken.

2. Zetelhoogte 

  • Controleer of u de weg kan zien tot aan de auto die voor u rijdt. 
  • Controleer of de afstand tussen uw hoofd en het dak van uw voertuig overeenkomt met een gebalde vuist.

3. Zetelhoek 

  • Controleer of de hoek tussen uw dij en uw lichaam groter is dan een rechte hoek. 
  • Wanneer u rijbewegingen simuleert, mag u niet glijden in uw zetel.  De onderkant van uw rug moet in contact blijven met de zetel.  Mocht u glijden, verklein dan de hoek van uw zetel.

4. Breedte van de rugleuning 

  • Zorg ervoor dat uw rug voldoende tegen de zetel rust en volledig ondersteund wordt. 
  • Uw rug mag niet samengedrukt worden tussen de laterale versterkingen. Dit komt hoofdzakelijk voor met sportzetels.

5. Hoogte van de rugleuning 

  • Voor een optimale ondersteuning moet de bovenkant van uw rugleuning net boven uw schouders uitsteken of zelfs iets meer.

6.  Lendensteun 

  • Controleer of het formaat van de lendensteun overeenstemt met uw rug.

7. Vorm van de zetel 

  • Controleer of alle onderdelen van de zetel voldoende steun bieden. 
  • Zorg ervoor dat uw zetel een goede zithouding biedt tegenover uw stuur. Doe een test: steek uw handen omhoog en laat ze terugvallen op het stuurwiel.  Als ze in het midden van het stuur terechtkomen, zal u toegang hebben tot alle belangrijke bedieningen. Strek vervolgens ook uw rechterbeen uit in de richting van het gaspedaal.  Uw dij mag in geen geval naar links of naar rechts neigen.

8. Toegang tot de stuurbedieningen 

  • Controleer of alle stuurbedieningen gemakkelijk bereikbaar zijn. Doe dit met gesloten deur.

9. Afstellen van de hoofdsteun 

  • Om bij een ongeval een whiplash te voorkomen, mag de afstand tussen de hoofdsteun en uw hoofd maximum 7 cm bedragen en mag de hoofdsteun niet lager staan dan 6 cm gemeten vanaf de bovenkant van uw hoofd.