Hoe verandert de fiscaliteit van bedrijfswagens in 2026?
De maatregelen om de belastingvoordelen voor voertuigen met verbrandingsmotor geleidelijk te verminderen, werden geïntroduceerd in 2022 en verstrengd in juli 2023. Op 1 januari 2026 is de volgende (en ultieme?) verstrenging van kracht: vanaf dan is het aankopen of leasen van een bedrijfswagen met CO2-uitstoot fiscaal niet langer aftrekbaar.
Wanneer we de kost van aanschaf of leasing samen in acht nemen met de onderhouds- en verbruikskosten en belastingen in een total cost of ownership- (of TCO-) analyse, stellen we vast dat vele vergelijkbare elektrische wagens op lange termijn voordeliger zijn dan brandstofwagens. De keuze voor een elektrische wagen is dus niet alleen milieuvriendelijk, maar ook een financieel verstandige en kostenbesparende investering.
Er zijn verschillende mechanismen aan het werk die auto’s op fossiele brandstof minder aantrekkelijk maken: de fiscale aftrek is niet meer van toepassing en de CO2-taks, of solidariteitsbijdrage, wordt verhoogd. Bovendien hebben fossiele wagens een hoger voordeel alle aard (VAA) dan wagens zonder CO2-uitstoot, wat zowel voor de werknemer als de werkgever een kostenimpact heeft.
De fiscale aftrek in detail
De fiscale aftrekbaarheid hangt af van het moment waarop de wagen werd aangekocht:
- Alleen voertuigen op fossiele brandstoffen die vóór 1 juli 2023 zijn aangeschaft, behouden de fiscale aftrek volgens de bestaande formule.
- Voor voertuigen op fossiele brandstoffen die tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025 werden aangeschaft, vermindert de aftrek elk jaar verder:
- In 2025 was de aftrek maximaal 75%, in 2026 is dit 50%, in 2027 daalt het naar 25% en in 2028 vervalt de aftrek helemaal.
- Elektrische voertuigen die aangeschaft worden voor 1 januari 2027 blijven volledig aftrekbaar. Koopt u een nieuw elektrisch voertuig na die datum, dan neemt ook die aftrekbaarheid geleidelijk af:
- In 2027 wordt de aftrek 95%, in 2028 wordt dit 90%, in 2029 daalt het naar 82,5%, in 2030 naar 75% en in 2031 naar 67,5%.
Naast deze maximale fiscale aftrek, bestond er ook een minimale aftrek. In 2024 bedroeg die nog 50% (of 40% voor voertuigen met een uitstoot van 200 g/km of meer). Deze regeling verdween echter op 1 januari 2025, met als gevolg dat voertuigen met een hoge uitstoot (zoals dieselauto’s met een uitstoot van 240 g/km of meer, of benzineauto’s met uitstoot boven 253 g/km), vanaf dan helemaal niet meer aftrekbaar zijn.
De CO2-taks verhoogt
Een tweede mechanisme om ons bedrijfswagenpark te vergroenen, is het verhogen van de solidariteitsbijdrage (of CO2-taks) voor brandstofwagens. Dit gebeurt door de (niet- geïndexeerde) minimumbijdrage elk jaar stelselmatig te verhogen. Sinds 1 juli 2023 wordt de CO2-taks vermenigvuldigd met een stijgende factor van 2,25. In 2025 bedroeg deze factor 2,75. In 2026 stijgt deze verder door naar 4 en vanaf 2027 zal deze multiplicator zelfs 5,5 bedragen.
Uitbreiding naar rechtspersonenbelasting
Tot op heden was de beperkte fiscale aftrekbaarheid voor autokosten enkel van toepassing op de vennootschapsbelasting. Vanaf 2026 is deze beperking uitgebreid naar organisaties die onder de rechtspersonenbelasting vallen. Hierdoor worden ook stichtingen en vzw’s voortaan bijkomend belast op de kosten van voertuigen die aan hun medewerkers worden toegewezen. Het belastingstarief hiervoor bedraagt 25% (tarief van de vennootschapsbelasting).
Euro 6e-bis-norm voor plug-in hybrides
Een laatste, Europese verandering met impact: vanaf 1 januari 2025 trad de Euro 6e-bis-norm in werking voor nieuw gehomologeerde plug-in hybride modellen. Deze norm houdt in dat deze nieuwe plug-ins strenger getest worden, om een realistischere (en in veel gevallen dus hogere) weergave van hun CO2-uitstoot te krijgen. Daarnaast wordt er op die CO2-uitstoot ook een zogenaamde Utility Factor toegepast, gebaseerd op hoeveel je daadwerkelijk elektrisch kan rijden met het hybride voertuig.
Aangezien onze huidige fiscaliteit en CO2-bijdrage gebaseerd zijn op deze CO2-uitstoot, zorgen deze nieuwe testnormen er dus voor dat plug-in hybrides nog een stuk minder interessant worden als bedrijfsvoertuig. Plug-in hybrides, gehomologeerd onder deze Euronorm, worden pas als ‘valse hybride’ beschouwd wanneer hun CO2-uitstoot hoger is dan 75 g/km (voor voorgaande Euronormen was dit 50 g/km CO2).
Conclusie? Het is meer dan ooit aangewezen om bij het leasen of kopen van een bedrijfsvoertuig te kiezen voor een elektrische wagen. Over de hele levensduur van het voertuig bekeken, is het een stuk voordeliger.
Download de Fiscale Brochure 2026