Home > Arval blog > Nieuwe WLTP testmethode: fiscale gevolgen voor bedrijfswagens?

Nieuwe WLTP testmethode: fiscale gevolgen voor bedrijfswagens?

Nieuwe WLTP testmethode: fiscale gevolgen voor bedrijfswagens?

WLTP
donderdag, juni 14, 2018

Sinds 1 september 2017 worden de verbruiksnormen van nieuwe wagens vastgelegd volgens de nieuwe WLTP testmethode. Minister van Finaciën Johan Van Overtveldt heeft echter bevestigd dat dit zeker tot 2020 geen fiscale gevolgen zal hebben voor bedrijfswagens.

 

Met uitzondering van een aantal stockwagens moeten van 1 september 2018 alle nieuwe en voor de eerste keer ingeschreven voertuigen verbruikswaarden kunnen voorleggen die zijn getest volgens de WLTP methode. Die nieuwe methode zou kunnen leiden tot CO2-gebruikswaarden die gemiddeld 20 tot 30% hoger kunnen zijn dan de oude NEDC CO2-verbruikswaarden.

 

NEDC 2.0

In theorie zou dit kunnen leiden tot een aanzienlijke verhoging van de fiscaliteit van bedrijfswagens. In de praktijk is op Europees niveau echter beslist om nog tot 2020 ook een tweede waarde te gebruiken naast de werkelijke WLTP-verbruikswaarde. Deze tweede waarde, de zogenaamde ‘Correlated NEDC’ of ‘NEDC 2.0’, geeft een kunstmatige CO2-uitsttootwaarde weer die is berekend op basis van de WLTP-verbruikswaarde. Deze NEDC 2.0-waarde zal als basis gebruikt worden voor de nationale autofiscaliteit. Steekproeven hebben aangetoond de NEDC 2.0 waarde gemiddeld 8 tot 11% hoger ligt dan de oude NEDC 1.0. Er blijft dus wel sprake van een belastingverhoging, al is het niet de gevreesde 20 tot 30%.

 

Fiscale ongelijkheid

De fiscale verhoging door de hogere NEDC 2.0 waarde heeft een onmiddellijke impact op het voordeel van alle aard, de fiscale aftrekbaarheid en de CO2-bijdrage. Bovendien zijn de gevolgen in Vlaanderen nog groter, want daar zijn ook de BIV en de verkeersbelasting gekoppeld aan de CO2-uitstoot. Voor bedrijfswagens ingeschreven op naam van een erkende autoleasingfirma buiten Vlaanderen, is er voor de BIV en de verkeersbelasting geen fiscale verhoging als gevolg van de hogere WLTP waarden.

Voor lopende bestellingen van firmawagens is het niet altijd duidelijk of een voertuig reeds is getest onder de WLTP testcyclus of nog onder de oude NEDC 1.0 cyclus. Dit hangt af van de datum waarop het voertuig bij de constructeur werd gebouwd of geassembleerd.

Voertuigen met de oude en lagere NEDC 1.0 waarde, mogen deze lagere waarde nu en in de toekomst blijven gebruiken in de fiscale formules. Binnenkort ontstaat er daardoor een fiscale ongelijkheid tussen voertuigen die nog gehomologeerd zijn onder de oude NEDC 1.0 waarde en voertuigen gehomologeerd onder de nieuwe WLTP testcyclus. Daardoor kan eenzelfde model met dezelfde motor fiscaal duurder uitvallen naargelang zijn leeftijd.

Deze fiscale onzekerheid leidt vandaag al tot een daling van het aantal bestellingen bij Belgische invoerders. Sommige constructeurs hebben daarnaast ook bepaalde motorisaties al geschrapt.